Vannacht droomde ik dat mijn kompaan mij de toegang tot het grote geheim ontzegde. Ik had iets gedaan, of beter, nagelaten dat verwerpelijk was: ‘Je bent vergeten Van Zwolle tot Brest-Litowsk ofwel mijn Onstuimige herinneringen te raadplegen bij je stuk over de mislukte moordaanslag op Trotski’, zo sprak een stem die onmiskenbaar van Igor Cornelissen (1935-2021) was. ‘Als je dat had gedaan, dan had je ontrafeld hoe de dingen werkelijk waren. Nu doe je het met kruimels. Je behoort toch niet tot de kunstmatige intelligentsia? Raadpleeg de registers!’ De stem was streng, toch proefde ik ook mildheid.
Zwetend werd ik wakker en strompelde naar het bruine kastje om het register van de Onstuimige herinneringen te raadplegen op de naam Siqueiros en jawel; op pagina 263 e.v. stond het verhaal concreter en preciezer dan ik uit andere bronnen had gedestilleerd. Het werk kon beginnen. Ik gloeide van opwinding daar ik wist dat ik nu Schrift met Schrift kon vergelijken en conclusies trekken. Groeien zou ik en bloeien, zo droomde ik wakker zijnde.
Ik kwam erachter dat de Spaanse vriend, die Igor Cornelissen tijdens zijn bezoek aan Moskou vergezelde, Manuel Perianez-Ginestà (1940-2026) heette. Hij overleed op 9 februari j.l. in Parijs. Ik kan hem nu helaas niet meer vragen naar zijn Trotskistische verleden en familiegeschiedenis. Zijn Nederlands was natuurlijk oneindig veel beter dan mijn Spaans ooit zal zijn. Zijn ouders vochten in de Spaanse burgeroorlog. Zo tolkte zijn moeder Marina Ginestà i Coloma (1919-2014) voor de Spaanse anarchist Buenaventura Durruti (1896–1936). Zij werd wereldberoemd vanwege de iconische foto op het dak van het hotel Colón aan Plaça de Catalunya 9 in Barcelona. Zij, de la chica del fusil, was toen zeventien jaar.
Marina Ginestà werkte in de zomer van 1936 als typiste en vertaalster op het hoofdkwartier van de communisten in dat hotel. Zij werd verliefd op de Spaanse communist Ramón Mercader (1913-1978), die Trotski met zijn pikhouweel vermoordde. Hem lukte wat eerder bij David Alfaro Siqueiros (1896-1974) mislukte. Mercader had overigens ook een relatie met Fanny Schoonheyt (1912-1961), ‘de koningin van de mitrailleur’, die in het vorige blog al wordt beschreven in relatie tot Albert Helman.
In haar directe nabijheid vielen meer doden. Dat gebeurt bij een oorlog. Zo kwam ook de man voor wie zij tolkte, Buenaventura Durruti, om tijdens het beleg van Madrid. Over de oorzaken van zijn dood zijn meerdere versies in omloop. In de Nederlandstalige Wikipedia-pagina over Durruti staat een bekend citaat van hem: ‘Er zijn slechts twee wegen, de overwinning voor de werkende klasse, vrijheid, of de overwinning voor de fascisten hetgeen tirannie betekent.’ Die uitspraak van Durruti is niet alleen actueel, maar ook een vooruitgang t.o.v. de doodlopende weg van Siqueiros die immers stelde dat er ‘geen enkele andere weg [is] dan de onze.’ (zie mijn vorige stuk).
Marina Ginestà keerde in 1952 naar Barcelona terug waar zij haar zoon Manuel opvoedde die in de jaren zestig in Nederland studeerde en lid was van de radicaal-linkse en trotskistische vereniging Politeia. Manuel raakte bevriend met Trotskisten als Fritjof Tichelman (1929-2012), Sal Santen (1915-1998), Maurice Ferares (1922-2022) en Igor Cornelissen. Er zal ook over Manuel Perianez-Ginestà wel een dossier liggen bij de BVD / AIVD. Net zoals over zijn moeder, vermoed ik.
Sinds 2014 werkte Manuel aan een onderzoek naar zijn familiegeschiedenis. Die werd gevoed door de autobiografische verhalen die zijn moeder in de jaren zeventig schreef. Manuel was jarenlang actief als socioloog en psychoanalyticus, maar wist weinig tot niets over het revolutionaire verleden van zijn moeder. In 2016 was Manuel erbij toen de iconische foto van Juan Guzmán (1911-1982) in de straten van Barcelona hing om de tachtigste verjaardag van het begin van de Spaanse Burgeroorlog te gedenken. In 2022 publiceerde Manuel Perianez-Ginestà La Bande Mauve, gewijd aan de complexe geschiedenis van zijn Spaanse familie. Het was bedoeld als het eerste deel van een serie over het (Spaanse) anarchisme die hij helaas niet heeft kunnen voltooien. Yvonne Scholten schreef eerder over hem, zijn moeder en andere anarchisten en communisten.
Het weten gaf mij enige voldoening. Ik weet nu meer dan Igor Cornelissen over deze kwestie had kunnen weten. Alles dankzij de voorspellende droom waarin hij mij advies gaf. Beter dan de voorspelling van Samuel die de heks van Endor aan Saul voorschotelde. Alles dankzij het doorlopen van de tijd. Dit natuurlijk geheel terzijde.
Uitgeverij KELDER gaf in 2025 een boekje uit over de Spaanse burgeroorlog met de titel De man die Durruti doodde. De vormgeving is misschien artistiek verantwoord, maar voor een volgende druk adviseer ik om de iconische foto van Marina Ginestà op het omslag te zetten en de titel te wijzigen in: De vrouw die voor Buenaventura Durruti tolkte en de man die hem doodde.
In die nieuwe druk moet dan nog wel iets geschreven worden over de rol van Marina Ginestà in relatie tot Durruti. Er ligt genoeg.
