in 't Wasdom

Antiquariaat Cornelissen & De Jong
juli 11th, 2020 by Igor Cornelissen

Leven als God in Frankrijk: Jeu de Boules, oesters en wijn

In de lente van 1963 werkte ik een jaar bij Vrij Nederland en vroeg mijn hoofdredacteur naar een mooie streek in Frankrijk.  Mathieu Smedts had in Engeland gewoond en gewerkt, hij was in Italië en Spanje op reportage geweest, had Australië en Nieuw Guinea bezocht en als verzetsstrijder in Duitsland gevangen gezeten. Hij kende Europa. Uit boeken en uit eigen ervaring.

Hij raadde mij de Morvan aan  ‘waar je uitstekend kunt eten’. Dat bleek waar te zijn toen ik, lopend en met een rugzak waar weinig in zat bij de heer Germain aankwam die een café restaurant dreef en op zolder een bed had voor logies. Hij had bovendien in een nabij meertje een roeiboot liggen die ik mocht gebruiken. Ik was vrijgezel en de wereld lag aan mijn voeten.

Door zijn boek Leven als God in Frankrijk (Wereldvenster, 1972) leerde ik Frankrijk van nog veel meer kanten kennen. Veel kerken, maar ook de roulette in Monte Carlo, alcoholici en sociale drinkers (Smedts was beide), De Gaulle en Jeanne d’Arc. Hij droeg zijn boek op aan de bewoners van Sospel waar hij na zijn vertrek bij Vrij Nederland jarenlang woonde met zijn tweede vrouw Joske. Zij maakte de mooie foto voor de omslag. Een beetje voorspelbaar misschien, maar toch precies zoals Frankrijk gelukkig nog altijd bestaat. Mannen met petten die op een dorpsplein Jeu de Boules spelen.

Als ik die foto zie, krijg ik al geweldige zin om naar het zuiden te trekken, naar die mannen te kijken en vooral om daarna onder een parasol een glas rode wijn te drinken. Raar, maar als je een fles van diezelfde wijn meeneemt naar Holland, smaakt het veel minder. Een kenmerkende zin van Smedts in zijn beschouwing over beroemde koks en eten: ’Robespierre was geen fijnproever, Danton wel en hij at een dozijn oesters voordat hij naar de guillotine werd gebracht. De revolutie zou anders zijn gelopen, zo beweren sommige deskundigen, als Robespierre en niet Danton het eerst was onthoofd.’

Tijdens zijn gevangenschap had Smedts de Franse gastronomie verwenst. Dat kwam omdat de Franse gevangenen de vreselijke tijd doorbrachten met het praten over feestmalen en het uitwisselen van ingewikkelde recepten. Ze wilden van Smedts horen hoe je erwtensoep moest maken.  ‘Soms was dat een marteling, want de honger werd er alleen erger door.’ Smedts kon schrijven. Gelukkig gaat zijn boek verder niet over zijn gevangenschap. Daar schreef hij over in een ander boek.

Méér nieuwe oude boeken

Geef een reactie