in 't Wasdom

antiquariaat Cornelissen & De Jong – Zwolle
maart 1st, 2021 by Igor Cornelissen

De ontreddering van Stalin

Het is net als met Hitler. Iedere keer dat je denkt de laatste definitieve biografie hebben gelezen, komt er weer een nieuwe op de markt. De vergelijking gaat nauwelijks mank, want in beide gevallen gaat het om bloeddorstige mensen die, zo leek het althans, een heel volk achter zich kregen Dankzij een enorme propagandamachine en uitgebreid onderdrukkingsapparaat. Als ik dit in 1953 tegen een gestaalde communist had verteld, het sterfjaar van Stalin, had mij dat op zijn minst een muilpeer opgeleverd.

Chlevnjoek behoort tot de Russische historici die toegang hadden tot de geheime archieven die begin jaren negentig even open gingen. Als hij zeker is van zaak, zegt hij dat en hij aarzelt niet om bij twijfelgevallen te schrijven dat er onvoldoende bewijsmateriaal is. Hij vond echter zoveel dat zijn conclusie overtuigt: Stalin werd steeds argwanender, die op den duur zelfs zijn allernaaste en trouwste medewerkers niet meer vertrouwde. Er komt veel aan de orde, zoals het liefdesleven van Stalin en zijn verhouding tot zijn familie. Het meest werd ik getroffen door de beschrijving van ‘s mans volkomen ontreddering toen het leger van Hitler in juni 1941 binnenviel. Ondanks het in 1939 niet aanvalspact tussen Molotov en Von Ribbentrop.  Hij was niet in staat het volk toe te spreken. Dat gebeurde pas weken later. Dat het land in oorlog was moest Molotov aan het volk vertellen. Molotov was de minister van Buitenlandse Zaken. Maar ook hij kreeg de volle lading toen Stalin zijn (joodse) vrouw liet arresteren wegens spionage. Er werd in de opperste leiding over gestemd. Allen vóór. Molotov onthield zich van stemming, hetgeen men gezien de omstandigheden als een soort heldendaad zou kunnen aanmerken.

Niet minder geboeid las ik de passages over de speciale dienst die Stalin dag en nacht moest bewaken. Sinds 1952 werd Stalin in zijn werkvertrek of in zijn datsja permanent bewaakt door 335 agenten. En daar kwamen dan nog de 73 specialisten bij die er voor zorgden dat het aan hem aan niets ontbrak. Deze bewakers verdienden tientallen malen zoveel loon als de arbeider. Een boer moest het met nog minder doen. De bewakers was er alles aan gelegen ‘de baas’ ter wille te zijn.

Stalin ging de geschiedenis in als de legeraanvoerder die Hitler heeft verslagen. Chlevnjoek vind het als historicus zijn plicht er op te wijzen dat voordat het Rode Leger in staat was overwinningen te boeken er anderhalf miljoen soldaten waren gesneuveld of krijgsgevangen waren gemaakt. De overwinning kwam niet dankzij Stalin, maar ondanks hem. Hij vertrouwde zijn eigen diplomaten en de in het buitenland werkzame spionnen niet. Zij hadden hem voor de inval gewaarschuwd. Het waren allemaal lasterpraatjes, verhaaltjes om hem op een dwaalspoor te brengen, zo meende hij.

In Nederland loopt ongetwijfeld nog ergens een vereerder van Stalin rond. In het Rusland van Poetin zijn er nog vele. Chlevnjoeks conclusie is helder en duidelijk: uiteindelijk was er één man verantwoordelijk voor de terreur die vele miljoenen het leven kostte. Als hij besliste durfde niemand hem tegen te spreken.


Chlevnjoek, O. (2015). Stalin. De biografie.  Amsterdam: Nieuw Amsterdam. I.z.g.st., hardcover met stofomslag. Met potloodstreepjes. Gebonden, 479 pp., 1e druk. Met illustraties, vertaling Toon Dohmen. Niet meer leverbaar.

Méér nieuwe oude boeken bij Cornelissen & De Jong