in 't Wasdom

Antiquariaat Cornelissen & De Jong – Zwolle
november 4th, 2020 by Jaap de Jong

Over het Zwols toerisme en de wijn van Frederik van Leenhof

Zojuist viel bij mij het Zwols Historisch Tijdschrift op de deurmat. Dit keer een themanummer over toerisme. Jan van de Wetering beschrijft aan de hand van kranten, kaarten, ansichtkaarten, reis- en wandelgidsen (Elberts, Van der Pot, Van der Loo etc.) de Zwolse bezienswaardigheden (vanaf vroegmoderne tijd tot op heden). De details ontgingen hem daarbij niet, zoals de wandeling van de Tachtigers Willem Kloos en Hein Boeken die het Zwolse nachtleven onveilig maakten. Tegelijkertijd heeft hij oog voor de middenstand die natuurlijk baat had bij het opkomend toerisme (fietshandel, vervoer, hotel- en restaurantwezen).

Kiekès Agterom (ofwel: Wim Coster) pakt een aantal highlights uit het reisverslag van de bibliofiel Zacharias Conrad van Uffenbach (1683-1734) die tijdens zijn bezoek aan Zwolle ook kennismaakt met de illustere voorganger Frederik van Leenhof (1647-1715). Van Leenhof, voor de ene luisteraar een geliefd voorganger, werd door andere tijdgenoten ook wel verafschuwd vanwege zijn spinozistisch getoonzette werk De Hemel op aarde. Het boek werd op de markt gebracht door de eveneens van ketterijen verdachte koster, boekhandelaar en catechismeermeester Barend Hakvoord (1652-1735) (en ook in meerdere talen vertaald). Van Leenhof schreef daarnaast een uitleg over Prediker. Ik neem aan dat hij er eveneens over preekte in de Zwolse St. Michaëlskerk (Grote Kerk); bijv. over het brood dat je met vreugde eet en de wijn die je met een goed hart drinkt en het behagen dat God daarin schept (Prediker 9). In zijn uitleg van het boek Prediker gebruikte Van Leenhof maar liefst 48 keer het woord ‘wijn’. Zegt dat iets? Ja, dat zegt iets.

Het portret van Van Leenhof, geschilderd door de Zwollenaar Hendrick ten Oever (1639-1716), hangt in de consistorie van St. Michaëlskerk, tegenover het bord met de predikanten die in Zwolle dienden, waaronder meerdere “ketters” en dwarsliggers. Van Leenhof, die uiteindelijk werd afgezet onder doorbetaling van het traktement, is de man met de ganzeveer in de hand. Zwolse ironie, ik ben een dolle liefhebber. Ik verwonder mij overigens dat bij het Zwolse Wijnhuis – tegenover de Michaëlskerk – nog steeds geen wijn wordt aangeboden onder het etiket De Hemel op Aarde. Daar zit toch handel in? Ik vraag maar.

Het nieuwste nummer wordt besloten met een recensie van het boek van mijn kompaan in het antiquariaat Cornelissen & De Jong. Memoires die voor een groot deel over Zwolle gaan (Michael Krielaars besprak het onlangs in de NRC). Een “aardige brompot” schrijft Steven ten Veen, “niet alleen geïnteresseerd in (Zwolse) revolutionairen als Henk Sneevliet, maar ook gefascineerd door bevindelijk gereformeerden in Genemuiden en elders, zoals ds. C. Hogchem”. Ik moet dat “brompot” overigens weerspreken. Igor bromt niet, hij komt minstens een keer per week fluitend in ‘t Wasdom op het Dominicanenklooster en gaat fluitend weg. Het vijfde deel van zijn memoires eindigt met de zin dat hij in de boekhandel een nieuwe stralende toekomst tegemoet gaat. En dat is ook zo. Bijna iedere dag een nieuw blog en wat al niet meer. Overigens kunt u zijn boek hier bestellen [gesigneerd exemplaar]. Dit terzijde uiteraard.

Voor het lidmaatschap van de Zwolse Historische Vereniging kunt u zich aanmelden op de website.  U ontvangt dan jaarlijks vier nummers van het tijdschrift.

Méér nieuwe oude boeken bij Cornelissen & De Jong