In 't Wasdom

antiquariaat Cornelissen & De Jong – Zwolle
mei 23rd, 2022 by Jaap de Jong

Wachter, wat is er van morgenochtend?

Niet alleen de dichter-eschatoloog Isaac da Costa (1798-1860) liet zich bij het zien van het werk van het journaille tot de vraag verleiden: Wachter! Wat is er van de nacht? – “O Wachter! Welk een dag wordt aan de kim gewacht?”

Ook de meer serieuze journalist liet zich door de bijbeltekst uit Jesaja inspireren. Dat geldt tenminste voor Frans Coenen (1866-1936).

Ik bladerde zojuist in het Verzameld Werk van Frans Coenen  – ik moet het boekje opsturen, want verkocht – en trof daarin onder meer zijn journalistiek werk aan, waaronder de column: Wachter, wat is er van morgenochtend? Hij schreef het tijdens de kerstdagen van 1917 toen de Russische revolutie op haar hoogtepunt was. Anders dan Da Costa zag Frans Coenen niet de Morgenster in het verschiet, noch ook het Nieuw Jeruzalem.

Frans Coenen was via Bolland tot een gematigd Hegelianisme gekomen. Dat Hegelianisme was bij de wat sombere Coenen rechts-conservatief getint. Natuurlijk, er is verandering en ieder deel roept zijn of haar tegendeel op, maar de menselijke natuur is en blijft een constante. Frans Coenen was een realist en had een tamelijk heldere visie op de menselijke natuur. Dat moge blijken uit het volgende citaat: Met Vrede op Aarde wordt (…) waarschijnlijk de vrede [bedoeld] die de Russische revolutionairen brengen willen. Zo er Vredesengelen op aarde mogelijk zijn, geloof ik van harte, dat deze behaarde Mongolen op Hen moeten lijken. Vanwege hun groothartig, hun goddelijk argeloos bedoelen en grandiose gespeendheid van alle mensenkennis. Hebben zij niet maar even het privaat bezit en alle onderscheidingen afgeschaft. (…). Er is weinig meer nodig, geloof ik, om een mens tot Engel te promoveren, indien hij deze dingen ernstig neemt en ze als machthebber wil doorvoeren. Of is zodanige mens van zondig opportunistische, practische levenswijsheid en zelfs van de elementairste zelfkennis niet ganselijk onbesmet?”

De ironie van Coenen is intussen wel grappig. Hij misgunt de Russische utopisten de beërving van het Koninkrijk der Hemelen niet, “wat hun te pas kan komen tegen de tijd, dat de Aarde zich voor hen ongastvrij betoont. Hetgeen, helaas, te verwachten valt, indien zij niet gauw tenminste de Russische renten betalen.”

Wachter!  Wat is er van de nacht? Da Costa kende de uitkomst, zo meende hij. Frans Coenen schort zijn oordeel op. Heel praktisch. Net als profeten eten journalisten brood en volgende week wordt een nieuwe column aan de kim verwacht.

PHP Code Snippets Powered By : XYZScripts.com