in 't Wasdom

Antiquariaat Cornelissen & De Jong – Zwolle
november 10th, 2019 by Jaap de Jong

150 jaar Koos Speenhoff -‘t is anders

De zanger-muzikant, liedjesschrijver en tekenaar Koos Speenhoff (1869-1945) komt uit de tijd dat oma nog opoe was. Op 23 oktober j.l. is zijn 150e geboortedag gevierd. Als kleinkunstenaar en cabaratier was hij een grootheid in de Nederlandse literatuur. Een pionier en voorbeeld voor velen, ook voor cabaretiers van na de oorlog. Maar wellicht dat Youp van’t Hek hem niet kent. De troubadoor Speenhoff staat voor een nieuw geluid in het Rotterdamse: “‘t is anders”, zei hij. Die woorden gelden als zijn lijfspreuk. De houding die daaruit spreekt neemt mij voor hem in. Speenhoff geldt als een sociaal bewogen mens, maar ook als een tragische melancholicus. De helft van zijn leven was er een van ongekende bloei, de laatste helft was er een van ongekende neergang en ondergang, zegt Wim Ibo in Namen die je nooit vergeet. Rond zijn vijfentwintigste woont hij enige tijd samen met de schilder Kees van Dongen. Hij tekent, schrijft liedjes en heeft enorm succes, treedt op in de grote steden en verkeert in kunstenaarskringen (met o.m. Willem Kloos, Herman Heijermans, Henriette Roland Holst en Willem Mengelberg).

Na 1920 treedt de neergang in. Zijn lijfspreuk ‘t Is Anders roept na die tijd vooral irritatie op. Koos Speenhoff maakt in die jaren een tournee door Nederlands-Indië en verheerlijkt na zijn terugkeer het kolonialisme. Dat wordt hem niet dank afgenomen. Veel van zijn vroegere vrienden wensen hem daarop naar de hel. Daar maakt Speenhoff een lied van: Speenhoff in de hel. Lach er niet om, want dat is daar plaats waar we elkaar eens zullen ontmoeten, zegt hij hier. Speenhoff ontmoet grote namen in de hel: Rembrandt, Michelangelo, Multatuli en Willem III en – je verwacht het niet of misschien toch ook wel – Abraham Kuyper, die was conferencier. Dat laatste begrijp ik.

In de jaren dertig zou Speenhoff zich antisemitisch uitlaten, lid van de NSB werd hij niet. Wel schrijft hij in de oorlog pro-Duitse teksten. En hij drinkt en is eenzaam. ‘t Was anders geworden. Zijn dochter Ceesje treedt in de oorlogsjaren op in het genazificeerde zondagmiddagcabaret van Paulus de Ruyter. Koos Speenhoff verliest op 3 maart 1945 het leven; bij het bombardement op het Haagse Bezuidenhout.

Eén van de bundels van Speenhoff maakt deel uit van de collectie #Igoriana. Igor schonk het boekje, een liedbundel, aan zijn moeder Truus Cornelissen-Os (met een daarbijbehorende brief op VN-papier en een bijpassende VN-enveloppe). Het is dan 1974, dus midden in de tijd dat VN nog het VN was. De inhoud van de brief zal ik hier verder niet verklappen. Alleen nog dit: bij twee liedjes uit de bundel staan aandachtstreepjes. Bij Opoe en Een meisje dat je niet vergeet. Dit alles is te koop.